De zin en onzin over een breed kussenkanaal en het belang van de twist

De zin en onzin over een breed kussenkanaal en het belang van de twist

Dit artikel is geschreven door Anne van Vugt – Zadelkompas.

Gelukkig worden steeds meer paardeneigenaren zich bewust van het belang van een goed passend zadel. Heel fijn, want dat maakt mijn leven een stukje makkelijker. Helaas zie ik in de praktijk nogal eens wat goedbedoelde adviezen voorbij komen op diverse fora, maar ook in de praktijk, die berust zijn op een misverstand. Een gevalletje ‘De klok horen luiden….’

Zo ook over brede kussenkanalen. Ik zie en hoor tegenwoordig steeds vaker oproepen voor zadels met een breed kussenkanaal voor paarden met een brede wervelkolom. In principe goed gedacht! Maar helaas wordt daarbij vaak een nog véél belangrijker onderdeel compleet overgeslagen; de ‘twist’ breedte van de zadelboom. Laten we even bij het begin beginnen: De breedte van het kussenkanaal.

1. De breedte van het kussenkanaal

De wervelkolom van een gemiddeld paard is ongeveer 2 á 3 vingers breed. Bij een wat groter, grover paard kan dit soms zelfs iets meer dan die 3 vingers zijn, maar dit komt niet zo heel vaak voor. De breedte van het kussenkanaal is uiteraard heel erg belangrijk. De kussens moeten de wervelkolom van je paard ten alle tijden vrij laten. Hou er daarbij rekening mee dat de kussens mooi langs de wervelkolom moeten dragen, en niet hoog boven de wervelkolom aan mogen sluiten, dit geeft druk! Daarnaast, een paard beweegt en buigt in de wervelkolom naar links of rechts. Een zadel is een statisch iets en kan niet met de wervelkolom mee buigen. Om deze reden wil je graag een kleine reserve inbouwen. De meeste zadels die tegenwoordig gefabriceerd worden hebben een kussenkanaal van ongeveer 4 á 5 vingers breedte. Kijk je eigen zadel ook eens na. Heel soms kom ik nog een ouderwets zadel tegen waar je nét 2 vingers tussen het kussenkanaal kunt passen. In mijn carrière ben ik nog nooit een paard tegengekomen met zúlke smalle wervels…